|
|
|
|
|
|
 |
Dansgroep
Pigasos
|
 |
|
|
In
1963, tijdens de viering van het Griekse Bevrijding, is dansgroep
Pigasos door een aantal jonge Griekse migranten gevormd. Aanvankelijk was het nog een naamloos
dansend clubje vrienden, dat slechts af en toe buiten de eigen Griekse
kring optrad.
Met wat geld van de stichting Bijstand Buitenlandse Werknemers (tegenwoordig
MIU)
konden de eerste tsolias-kostuums (Grieks nationale kostuum met
de bekende witte plooirok) voor de mannen worden gemaakt.
In 1965 ging de film Zorba de Griek met Antony Quinn en Irini Papas
in de hoofdrollen in première in Nederland. De film was gebaseerd
op het gelijknamige boek van Nikos
Kazantzakis en met filmmuziek
geschreven door Mikis
Theodorakis. Deze film ontketende
een ware 'sirtakirage' en in ontelbare plaatsen in Nederland demonstreerden
de Utrechtse Grieken (toen nog zonder naam) de filmdans en andere
dansen uit alle delen van Griekenland. De mythologische naam Pigasos
kreeg de dansgroep toen tante Beatriki uit
Athene bij Dimitra
Sideri (1923-1999) en
Nikos
Sideris (1920-1997), op bezoek
kwam. Dimitra Sideri was één van de medeoprichters
van Pigasos en jarenlang de motor achter de dansgroep geweest.
In datzelfde jaar ontving Pigasos zelfs een brief van de toenmalige
Griekse ambassadeur in Den Haag. De heer Grívas-Gardikiòtis:
Hierbij delen wij u mede dat, dankzij de grote inspanningen van
uw gezelschap Pigasos, de succesvolle uitvoeringen van onze Griekse
dansen en de verbreiding daarvan onder een groot aantal Nederlanders,
het toerisme van Nederlanders in Griekenland dit jaar met dertig
procent is gestegen. Onze hartelijke gelukwensen en veel succes
voor de toekomst!
|
 |
|
Na
verloop van tijd ontstond er zelfs een orkest met instrumenten uit
de verschillende streken van Griekenland. De groepsleden leerden elkaar
de dansen uit hun geboortestreek zoals dat in de dorpen van Griekenland
ook ging.
Pigasos werd steeds bekender en het gezelschap werd opgedeeld in twee
groepen: een optreedgroep en een beginners groep. Deze beginners werden
dan op den duur weer gevorderd. In de groep die optrad zaten na een
tijdje ook Nederlanders die de Griekse dansen perfect beheersten.
Zo werd Pigasos langzamerhand ook een symbool van de verbroedering
en harmonische coëxistentie van twee volken op basis van de Griekse
dansen.
Pigasos trad op in theaters in binnen en buitenland, kwam zelfs op
televisie. Aan het einde van elke voorstelling vroegen de leden van
Pigasos het publiek naar voren te komen en mee te dansen. Iets wat
tot op de dag van vandaag nog gebeurt. |
|
Van het geld
dat ze met hun optredens verdienden maakten en kochten ze nieuwe
kostuums. Mevouw Sideri ging zelfs dorpen langs in Griekenland om
traditionele klederdracht op te kopen voor de dansgroep. Ook waren
er leden zoals mevrouw
Sirma Papadamakis (eerste links
op foto), die haar bruidsschat aan zelf gemaakte kleding aan de
dansgroep in bruikleen gaf.
Heel belangrijk was ook de bereidwillige hulp van mevrouw Elèni
Tsaóuli, de beroemde Griekse danslerares, oprichtster en
directrice van het volksdansgezelschap 'Elèni Tsaóuli',
die in Griekenland grote faam geniet om haar nauwkeurige werk en
haar onderzoek naar Griekse dansen. Zij toonde zich zeer geïnteresseerd
in Pigasos - een grote eer! - en kwam naar Nederland. Ze gaf les
in nieuwe dansen en liet kostuums uit Griekenland komen. Na haar
dood werd haar werk voortgezet door haar assistente, opvolgster
en vriendin mevrouw Plousía Liakatá. Ook zij kwam
vele jaren naar Nederland om dansles te geven en te helpen bij het
naaien van kostuums.
In 2003 viert de dansgroep haar 40-jarig jubileum. Veertig jaar
dansen; hele gezinnen, meerdere generaties hebben bij Pigasos leren
dansen. Sommige dansers leerden elkaar zelfs kennen op de dansgroep
en trouwden met elkaar. Pigasos is lange tijd de enige plek geweest
waar de Griekse jeugd bijeen kon komen. Het samenkomen om te dansen
heeft hen geholpen hun Griekse identiteit te behouden.
Pigasos bestaat nog steeds. De dansgroep heeft een belangrijke bijdrage
geleverd aan de geschiedenis van het Griekendom in Nederland.
|
|
|
|